Denkt niet, dat het voldoende is wanneer de engel van het water u slechts van buiten omspoelt.
Voorwaar, ik zeg u: de onreinheid van binnen is vele malen groter dan de onreinheid van buiten.
En hij die zich van buiten reinigt maar van binnen onrein blijft is als graftomben die van buiten
mooi beschilderd zijn, maar die van binnen vol zitten met allerlei onreinheden en gruwelen. Dus
zeg ik u, waarlijk: staat toe dat de engel van het water u ook van binnen doopt opdat u bevrijd
wordt van al uw begane zonden en opdat u ook van binnen zo rein wordt als het schuim der rivier
dat speelt in het zonlicht.
Zoekt daarom een grote kalebas met een steel van manshoogte; holt deze van binnen uit en vult
hem met water uit de rivier dat door de zon verwarmd is.
Hangt deze op aan de tak van een boom en knielt neder op de grond voor de engel van het water
en staat toe dat het einde van de steel van de kalebas uw achterste deel binnengaat zodat het water
door al uw ingewanden kan vloeien. Blijft daarna op de grond knielen voor de engel van het
water en bidt dan tot de levende God dat Hij u al uw begane zonden wil vergeven en bid de engel
van het water dat hij uw lichaam bevrijdt van alle onreinheid en ziekte. Laat dan het water uit uw
lichaam wegstromen zodat het alle onreine en kwalijk riekende zaken van de Satan van binnenuit
weg kan nemen. En met eigen ogen zult gij zien en met uw neus zult gij kunnen ruiken, alle
gruwelen en onreinheden die de tempel van uw lichaam bezoedelden, gelijk alle zonden die in uw
lichaam huisden en die u kwelden met allerlei pijn. Ik zeg u, waarlijk: door u met water te dopen
bevrijdt u zich van dit alles. Herhaalt uw doop met water elke dag dat gij vast, tot de dag komt
waarop gij ziet dat het water dat uit u wegstroomt even rein is als het schuim der rivier. Begeeft u
dan met uw lichaam naar de stromende rivier en betuig daar, in de armen van de engel van het
water, uw dank aan de levende God dat hij u bevrijd heeft van uw zonden. En deze heilige doop
door de engel van het water is: wedergeboorte tot een nieuw leven. Want vanaf dat ogenblik
zullen uw ogen zien en uw oren zullen horen! Daarom zult gij ook na uw doop niet meer
zondigen: opdat de engelen van de lucht en van het water eeuwig in u mogen verblijven en u voor
altijd mogen dienen.